Aanleunwoning
Toen deze woonvorm ontstond, sprak men van ‘serviceflats’.
Het nieuwe woonzorgdecreet spreekt sinds 1 januari 2010 van ‘assistentiewoningen’.
Een Nederlandse term die stilaan opgang maakt, is ‘aanleunwoning’.
Ouderen zijn niet altijd goed te been, hebben vaak hulp en verzorging nodig, kunnen niet overal aan, enzovoort. Voor personen met een handicap en 65-plussers is het niet vanzelfsprekend om alleen te blijven wonen. Toch is dat vaak hun wens. Weinig ouderen zien er naar uit om snel in het rusthuis te belanden. Een eigen woning is altijd meer vertrouwd en biedt ook meer privacy dan een kamer in een woonzorgcentrum. Maar als thuiszorg niet meer volstaat om in hun eigen huis te blijven wonen, dringt een verhuis zich op. Op dat moment zijn aanleunwoningen een goede oplossing. Het zijn toegankelijke, veilige en comfortabele woningen waar mensen die zorg nodig hebben zelfstandig kunnen blijven wonen. Ze kunnen er zelf bepalen welke verzorgers ze kiezen en krijgen er alleen de zorg waar ze om vragen. Zo houden ze, in vergelijking met residentiële opvang, meer zeggenschap over hun eigen leven.
Aanleunwoningen maken altijd deel uit van een groep individuele woningen in de buurt van een woonzorgcentrum, een lokaal dienstencentrum, een dagverzorgingscentrum of een dienst voor gezinshulp. Daar kunnen de ouderen gebruik maken van warme maaltijden, verpleging, hulp in het huishouden, enzovoort. Met een alarmsysteem is er ook altijd snelle hulp bij crisissituaties.
In verschillende woonzorgzones zijn nieuwe assistentiewoningen gepland.
Meer info
www.zorg-en-gezondheid.be


