Lexicon

AbbeyfieldToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Woonprojecten volgens het Abbeyfield-concept zijn kleinschalig en bedoeld voor 55+ers. Deze projecten willen een antwoord bieden aan woonbehoeften van een groeiende bevolkingsgroep, die actief en gezond in het leven staat. Deze senioren zijn gesteld op hun privacy en staan open voor sociale interactie. Daarom kiezen ze voor een formule van Zelfstandig Samen Wonen.

AzoBToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

De afkorting AzoB staat voor ‘Actief Zorgzame Buurt’. Het wijst ook op de intense samenwerking tussen Antwerpen en Brussel in de ontwikkeling van een buurtgericht model van zorgorganisatie in een grootstedelijke context.

AanleunwoningenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Aanleunwoningen zijn toegankelijke, veilige en comfortabele woningen waar mensen die zorg nodig hebben zelfstandig kunnen wonen. De ouderen bepalen zelf welke zorg en welke verzorgers ze kiezen. Zo houden ze grote zeggenschap over hun eigen leven. Aanleunwoningen worden vaak dicht bij elkaar gebouwd, in de buurt van een woonzorgcentrum, een lokaal dienstencentrum, een dagverzorgingscentrum of een dienst voor gezinshulp. Daar kunnen de ouderen gebruik maken van warme maaltijden, verpleging, verzorging, hulp in het huishouden, enzovoort. Met een alarmsysteem is er ook altijd snelle hulp bij crisissituaties.

Ambulante zorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Bij ambulante zorg verplaatst de patiënt zich naar de zorgverstrekker voor de behandeling. Dat kan gaan om een dokter, een zorgcentrum, een kinesist, een dienstencentrum, enzovoort. De patiënt blijft niet overnachten en keert na de verkregen hulp terug naar huis. De overheid stimuleert ambulante zorg, omdat het goedkoper is dan residentiële zorg.

AssistentiewoningenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Deze term staat centraal in het woonzorgdecreet dat sinds 1 januari 2010 in voege is. Het is de wettelijke benaming voor een aanleunwoning.

BuurtconciërgesToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

In het centrum van Brussel wonen veel kansarme senioren. De buurconciërges helpen hen met kleine maar ingrijpende aanpassingen aan hun woning: elektriciteit en sanitair, wegwerken van drempels, technisch onderhoud, voorlichting… Indien nodig schakelt de buurconciërge een dienst voor thuiszorg in.

Centrum voor kortverblijfToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Een centrum voor kortverblijf is verbonden met een woonzorgcentrum. Ouderen kunnen hier voor een korte periode verblijven – naar aanleiding van een crisis, een periode dat ze moeten herstellen, na het overlijden van een partner, enzovoort. Sommige bewoners verblijven er enkel ’s nachts, andere zowel overdag als ’s nachts. Na een kort verblijf, als ze het weer aankunnen, gaan ze terug naar huis. Tijdelijke opvang maakt het mogelijk dat ouderen langer thuis blijven wonen en dat ze minder snel de definitieve stap moeten zetten naar de residentiële zorg. Een centrum voor kortverblijf biedt ook warme maaltijden, gezinszorg, hulp in het huishouden, hulp bij het baden en wassen, verpleging, revalidatie, psychosociale begeleiding, ontspanning, enzovoort.

ClusterwonenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Clusterwonen is een verzamelwoord voor ‘kleinschalig groepswonen met zorg of aandacht’. Soms gaat het om mensen die in een gewoon rijhuis wonen en het huishouden delen, maar het kan ook in een grotere voorziening die is opgesplitst in kleinere, min of meer zelfstandige leefgroepen. Elke bewoner heeft zijn eigen privéruimte, naast de gemeenschappelijke ruimtes die ze samen gebruiken. De bewoners kunnen er 24 uur per dag op verzorging rekenen. Deze woonvorm is erg geschikt voor dementerende ouderen.

DagverzorgingToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Deze hulp maakt het mogelijk dat zwaar zorgbehoevenden toch thuis blijven wonen. Overdag kunnen ze terecht in het centrum, ’s avonds gaan ze terug naar huis. De meeste cliënten gaan er enkele dagen per week heen, waardoor de mantelzorger die hen thuis verzorgt wordt ontlast en het volhoudt.

DementieToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Dementie is een verzamelnaam voor ziektebeelden met als gemeenschappelijk kenmerk geheugenverlies, stoornissen in het denkvermogen en gedragsverandering. Dementie wordt veroorzaakt door zenuwcellen die in de hersenen afsterven. De meest voorkomende vormen zijn: de ziekte van Alzheimer (70%), vasculaire dementie (12%), Lewy lichaampjesdementie (15%) en frontotemporale dementie (3%). Er bestaan geen geneesmiddelen om dementie te genezen, wel middelen die het ziekteproces vertragen. De laatste tien jaar geraakte het onderzoek naar de oorzaken van dementie in een stroomversnelling, maar oplossingen zijn er nog niet. Meer info op www.dementie.be van het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen.

Design for allToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

De toegankelijkheid van woningen en van de woonomgeving begint bij de planning. Die mag er niet van uitgaan dat elke gebruiker gezond, sterk en mobiel is. De meeste mensen zijn dat niet. Er zijn mensen van alle leeftijden, afmetingen en mogelijkheden en daar moeten ontwerpers rekening mee houden. Die nieuwe manier van vormgeven heet ‘design for all’ of ‘ontwerpen voor iedereen’. Alle producten en omgevingen zouden zo ontworpen moeten zijn, dat zoveel mogelijk verschillende mensen er vlot gebruik van kunnen maken.

Dienst voor gezinszorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Gezinnen en ouderen kunnen er gebruik maken van volgende diensten: persoonsverzorging (bv. wassen, aankleden, …), huishoudelijke hulp (bv. koken, was of boodschappen doen, strijken …) en hulp bij het schoonmaken. Deze diensten bieden ook psychosociale en pedagogische ondersteuning.

Dienst voor thuiszorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Wie er niet meer in slaagt om zelf zijn huishouden te beredderen, kan beroep doen op een dienst voor thuiszorg. Die bekijkt samen met de mantelzorgers wat er nodig is, in functie van ‘zorg op maat’. Enkele voorbeelden zijn maaltijden aan huis, poetshulp, persoonlijke verzorging, verpleging, enzovoort. Het doel is dat mensen beter voor zichzelf kunnen zorgen en dat familieleden, buren of kennissen die voor de dagelijkse zorg instaan, ondersteund worden.

DomoticaToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Domotica zijn ‘intelligente’ apparaatjes die het leven in een woning aangenamer maken. Ze zijn afgestemd op de gewoonten, noden en behoeften van de bewoner. Gekende voorbeelden zijn het personenalarm in noodsituaties, de bediening op afstand van licht en verwarming, alarminstallaties tegen inbraak, branddetectie en brandalarm, kliklichtjes om ’s nachts de weg naar huis en in huis te vinden, videofoon om te zien wie voor de deur staat, het op afstand kunnen openen en sluiten van de deur, enzovoort. Deze moderne technologie maakt het voor veel ouderen mogelijk om, samen met diensten en zorgverlening, thuis te blijven wonen.

Duplex-wonenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Met het ouder worden, wordt een huis vaak te groot om alleen te blijven wonen. Duplex-wonen is dan een ideale formule. De oudere blijft thuis wonen en iemand van de kinderen trekt er met zijn gezin bij in. De woning wordt in twee delen verdeeld. De bejaarde vader of moeder blijft in een aparte kamer of een aangebouwd deel van het huis wonen, liefst op het gelijkvloers, met een aparte ingang. Het gezin van zoon of dochter betrekt de rest van het huis. Door niet alleen in een groot huis te wonen, verhoogt voor de oudere ook het gevoel van veiligheid. Een eventuele uitbreiding van het huis heeft wel als nadeel dat het kadastraal inkomen kan stijgen.

EerstelijnszorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Deze zorg is toegankelijk voor iedereen. Het gaat om huisartsen, thuisverpleging, tandartsen, het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk (CAW), enzovoort. Zij verstrekken basisverzorging en eerste hulp en verwijzen indien nodig gericht door naar gespecialiseerde hulp. Eerstelijnszorg bevordert de kwaliteit van de hulpverlening en staat daarom centraal in een kwalitatieve zorgverlening.

Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC)Toon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) De GGC regelt en beheert de gemeenschappelijke aangelegenheden van de Vlaamse en de Franstalige gemeenschap in Brussel. Alle 89 Brusselse volksvertegenwoordigers zijn lid van de GGC. De GGC is bevoegd voor het gezondheidsbeleid: verzorgingsbeleid binnen en buiten de verzorgingsinstellingen, hygiënische opvoeding, preventieve geneeskunde hulp aan personen: gezinsbeleid, sociaal beleid, gehandicapten, derde leeftijd, jeugd, etnisch-culturele minderheden, sociale hulp aan gevangenen, enzovoort. Meer info vindt u hier.

GroepswonenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Ouderen kiezen er soms voor om - alleen of als koppel - in groep samen te wonen. Zij hebben dan elk hun eigen kamer, appartement of woning, maar gebruiken ook gezamenlijke ruimten en voorzieningen zoals wasplaats, tuin of een gemeenschappelijke logeerkamer. Door samen te wonen voelen ze zich met elkaar verbonden, vaak helpen ze elkaar ook. Deze woonvorm bestaat voor zowel valide ouderen (groepswonen), als voor mensen die sociaal geïsoleerd zijn of zorgbehoevend (solidair wonen). In België bestaat er geen stedenbouwkundig of wettelijk kader voor deze woonvorm. Wie in groep wil wonen, krijgt met veel praktische en financiële knelpunten te maken. Toch groeit de belangstelling voor deze woonvorm.

Groepswonen of solidair wonenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

is een woonvorm die in België nog niet officieel bestaat. Wel bestaan er al jarenlang in Wallonië en Vlaanderen vormen van gemeenschappelijk wonen waar huishoudens en alleenstaanden terecht kunnen. We spreken van groepswonen als een groep mensen die geen familiale band hebben samen wonen. De term solidair wonen wordt gebruikt als mensen in een precaire sociale toestand samen leven.

Haal- en brengfunctieToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Ouderen die zorg nodig hebben, kunnen die gaan halen in het zorgknooppunt of een lokaal dienstencentrum in hun wijk. Wanneer ze niet meer in staat zijn zich te verplaatsen kan vanuit het zorgknooppunt of het lokaal dienstencentrum de zorg- en dienstverlening aan huis gebracht worden. Vandaar ‘haal- en brengfunctie’.

Informele zorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Alle zorg waar niet voor betaald wordt of die niet beroepshalve verricht wordt, is informele zorg. Die zorg omvat zowel de gebruikelijke zorg die familieleden aan elkaar verlenen als mantelzorg, zelfhulp en vrijwillige zorg.

KangoeroewonenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Kangoeroewonen is hetzelfde als duplex-wonen, maar de oudere(n) en het jonge gezin zijn geen familie van elkaar. Ze wonen samen in één huis, maar wonen apart. Het jonge gezin kan voordelig huren en in ruil helpen ze de oudere buren. Deze vorm van wonen past zowel in een woonproject of een sociale woonwijk, maar het kan evengoed dat privépersonen samen de zorg van een oudere of een koppel op zich nemen. In Australië, het land van de kangoeroes, spreekt men van ‘granny flats’.

KatzschaalToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Deze schaal is een meetinstrument om na te gaan hoeveel zorg iemand nodig heeft. Ze meet de graad van zorgbehoefte en wordt gebruikt om de tarieven te bepalen die het RIZIV terugbetaalt.

Kleinschalig wonenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Voor mensen die intensieve zorg en ondersteuning nodig hebben, is het vaak een goede formule om met enkelen samen te wonen. Mits passende zorg aan huis, wordt het mogelijk een zo normaal mogelijk leven te leiden.

Levensloop bestendige woningenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Iedereen kan in deze woningen wonen, ongeacht leeftijd, lichamelijke kenmerken, capaciteiten of beperkingen. Deze woningen zijn aangepast - of kunnen gemakkelijk aangepast worden - aan ouderen, hoogbejaarden, chronisch zieken, mensen met een handicap, enzovoort. Het zijn toegankelijke en veilige woningen, met voldoende ruime doorgangen en zonder onnodige obstakels. Het zijn ook comfortabele woningen. Minder mobiele mensen zijn immers vaak gebonden aan hun huis en hebben meer nood aan comfort.

Lokaal dienstencentrumToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Ouderen die zelfstandig wonen of bij hun familie inwonen, zijn altijd welkom in het lokaal dienstencentrum in hun buurt. Ze kunnen er terecht voor gezelligheid en ontspanning, hobby’s, uitstappen, informatieve, recreatieve en vormende activiteiten, huishoudelijke zorg, lichaamsverzorging, sociale dienstverlening, informatie over hulpverlening en opvang,enzovoort.

MantelzorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Mantelzorg gebeurt door familie, kennissen, buren. Zij bieden dagelijkse zorg aan iemand die ze kennen en met wie ze een sociale band hebben. Ze helpen in het huishouden, bij de administratie, gaan naar de winkel, helpen poetsen, enzovoort. Mantelzorg is vaak de eerste hulp die mensen krijgen. Het bestaat naast de professionele thuiszorg en het georganiseerd vrijwilligerswerk.

Multidisciplinair overleg Toon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

(MDO)Ouderen die thuis wonen, doen vaak beroep op verschillende mensen en instanties voor hulp en zorg. Dat zijn zowel familieleden als professionele en niet-professionele zorg- en hulpverleners. Tijdens een ‘multidisciplinair overleg’ komen al deze mensen samen om afspraken te maken en de zorg en hulp zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen. De vragen en noden van de cliënt staan daarbij altijd centraal.

NachtopvangToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Sommige woonzorgcentra bieden nachtopvang voor ouderen. Die opvang is meestal tijdelijk, bijvoorbeeld wanneer de familie op vakantie is en de oudere ’s nachts niet graag alleen blijft. Soms komt de vraag ook van de mantelzorger, wanneer die zelf nood heeft aan voldoende rust. Voor een dementerende zorgen bijvoorbeeld kan heel zwaar zijn. Dan is het een goede oplossing dat die tijdelijk elders kan gaan overnachten.

PersonenvolgsysteemToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Dit apparaatje waarschuwt in geval van nood een zorgverlener of een familielid. Met een druk op de knop worden die opgebeld om meteen te komen helpen. Zo voelen zowel de oudere als de familie zich geruster. Het apparaatje wordt ook veel gebruikt door hartpatiënten, diabetici en mensen met epilepsie. Zij hebben het altijd bij de hand.

Programmatie Vlaamse overheidToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

De programmatie van de Vlaamse overheid raamt de zorg- en gezondheidsbehoeften in Vlaanderen. Het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid brengt die behoeften in kaart. Op basis van die raming wordt per provincie of gemeente bepaald hoeveel zorgvoorzieningen er nodig zijn. Op www.zorgengezondheid.be staan alle programmatiecijfers voor Vlaanderen. De cijfers voor Brussel vindt u hier xxxx.

RusthuisToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Een rusthuis is een voorziening waar ouderen de laatste jaren van hun leven kunnen wonen. Ze krijgen er passende verzorging en verpleging. Andere woorden voor rusthuis zijn bejaardentehuis, bejaardenhome, woonzorgcentrum, enzovoort. Vroeger waren de woonzorgcentra gekend als ROB (Rustoord voor Bejaarden) of RVT (Rust- en Verzorgingstehuis). In een RVT wonen ouderen die veel zorg nodig hebben. Het beleid wil de woonzorgcentra vooral voor deze groep voorbehouden. In een ROB wonen ouderen die valide zijn. Het beleid wil deze woonvorm steeds meer vervangen door andere woonvormen, bijvoorbeeld assistentiewoningen. Woonzorgcentra worden niet meer gezien als een plaats om te rusten. Wel als een plaats waar je woont en ook zorg krijgt, of een plaats die zorg aanbiedt aan ouderen die in de omgeving wonen.

SatellietwoningenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Ouderen die zelfstandig wonen, moeten beroep kunnen doen op zorgverlening. Ze kunnen die vaak krijgen in een zorgknooppunt, een dienstencentrum of een woonzorgcentrum in hun buurt. Omdat ze iets verderop wonen, worden hun woningen ‘satellietwoningen’ genoemd.

ServiceflatsToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Hiermee wordt hetzelfde bedoeld als met ‘aanleunwoningen’ of ‘assistentiewoningen’.

ToegankelijkheidToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Het woord ‘toegankelijk’ doet meteen denken aan aangepaste toiletten, brede deuren of hellingen en liften. Toegankelijkheid is echter meer dan enkel fysieke toegang voor mensen met een beperking. Als een gebouw op een doolhof lijkt, een bel te hoog staat of het voetpad versperd is, levert dat problemen op voor iedereen. Toegankelijkheid gaat ook over klantvriendelijkheid, goede dienstverlening, logische signalisatie en duidelijke communicatie.

ToegankelijkheidsnormenToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

In 2008 werd een categorisering van bouwtechnische normen opgemaakt om woningen en hun omgeving toegankelijk te maken. Wie daar meer advies over wil, kan terecht in een toegankelijkheidsbureau. Meer info op www.entervzw.be en www.toegankelijkheidsbureau.be.

TweepartnerflatToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Voor zorgbehoevenden in een woonzorgcentrum valt de scheiding van hun partner vaak extra zwaar. Daarom verhuren sommige voorzieningen ook flats voor de partner van de zorgbehoevende. Dat kan een slaapkamer vlakbij zijn, of een kleine flat in de nabije omgeving (bijvoorbeeld in geval van vorderende dementie).

VIPA-dossierToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

VIPA staat voor ‘Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden’. Dit agentschap van de Vlaamse overheid verleent financiële steun voor nieuwe gebouwen van welzijns- en gezondheidsvoorzieningen. De overheid wil dat de bouw van voorzieningen betaalbaar is en dat ze beantwoorden aan de hedendaagse eisen inzake woon- en zorgcomfort. De sectoren die in aanmerking komen voor financiële steun van het VIPA zijn de ondersteunende voorzieningen voor ouderen en thuiszorg, verzorgingsvoorzieningen, personen met een handicap, kinderdagopvang, preventieve en ambulante gezondheidszorg, algemeen welzijnswerk, bijzondere jeugdbijstand. Meer info vindt u hier:

Vrijwillige zorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

In de zorgverlening steken vrijwilligers vaak een handje toe. Ze gaan regelmatig op bezoek, helpen mensen die naar het ziekenhuis moeten, doen boodschappen of kleine klusjes in huis, gaan samen (rolstoel)wandelen of iets drinken, enzovoort. De meeste vrijwilligers werken binnen een organisatie en worden daardoor ook ondersteund. Tussen de vrijwilliger en de oudere die de zorg ontvangt, bestaat vooraf meestal geen relatie.

Wonen met aandachtToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Voor wie alleen woont, maakt wat extra ondersteuning een groot verschil. Het is immers niet alleen belangrijk een aangepaste woning te hebben, ook het dagelijks leven moet aangenaam zijn. Het leven in de grootstad is vaak anoniem en onveilig, en vaak voelen ouderen zich lusteloos, eenzaam, depressief of gedesoriënteerd. Woonvormen zoals kangoeroewonen of duplexwonen komen tegemoet aan deze nood aan aandacht.

Wonen met zorgToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Deze woonvoorzieningen bieden continue verzorging aan mensen die chronisch ziek zijn of palliatieve zorgen nodig hebben.

WoonzorgcentrumToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

De term ‘woonzorgcentrum’ verwijst in Vlaanderen meestal naar de RVT’s (Rust en Verzorgingstehuizen) voor ouderen die veel zorg nodig hebben. De oudere kan er beschikken over een woning en over alle diensten en zorgen die hij nodig heeft. In een woonzorgcentrum bevinden wonen, zorg en dienstverlening zich op dezelfde locatie.

WoonzorgcoachToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

In elke woonzorgzone komt een woonzorgcoach. Die coördineert de bestaande voorzieningen en zorgverleners bij de uitvoering van volgende taken. De individuele opvolging en begeleiding van elke oudere met een zorgvraag in de woonzorgzone. De afstemming tussen de haal- en brengfuncties. De organisatie van het vervoer. Het opsporen van medische en paramedische noden. De opleiding en begeleiding van mantelzorgers. Het opsporen van de noden aan onderhoud, herstelling en aanpassing van woningen, om ouderen toe te laten zelfstandig te wonen – en zo de residentiële zorg te ontlasten. Het dagelijks onderhoud en de kleine herstellingen en aanpassingen die gebeuren door klusjesdiensten en buurtconciërges.

WoonzorgdecreetToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Op 1 januari 2010 trad het Woonzorgdecreet in werking. Dit decreet stimuleert de zorgsector om beter in te spelen op de zorgvragen van de gebruiker. Daarbij staan ‘zorg op maat’ en de ‘garantie op zorgcontinuïteit’ centraal. Het Woonzorgdecreet stelt drie prioriteiten. De ‘zorg op maat’ en de ‘garantie op zorgcontinuïteit’ vergen een zorgvuldige afstemming tussen zelfzorg, mantelzorg en professionele zorg. De regelgeving voor zorg, wonen en welzijn moet geactualiseerd en beter op elkaar afgestemd worden. Zo kan ze de samenwerking tussen thuiszorg en residentiële zorg vergemakkelijken en versterken. De kwaliteit van wonen en zorg moet verbeteren, op maat van de individuele fysieke en psychische noden van de zorgvrager. Er moet ook voldoende aandacht zijn voor sociale inclusie en het welbehagen van de zorgbehoevende. Meer details vindt u op www.zorg-en-gezondheid.be > zoekterm ‘woonzorgdecreet’

WoonzorgzoneToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Een woonzorgzone is een wijk, gemeente of deelgemeente die het welzijn van de bewoners bevordert, zodat iedereen - ook ouderen en zorgbehoevenden - zolang mogelijk thuis kan blijven wonen, die een zorgknooppunt heeft waar bewoners terecht kunnen met hun zorgvragen en waar ze de zorg en hulp kunnen krijgen die ze nodig hebben, die toegankelijk is voor iedereen, met straten en pleinen zonder obstakels, en met voldoende woningen en voorzieningen die toegankelijk zijn voor iedereen (‘design for all’). In Brussel komen er op langere termijn 33 woonzorgzones.

ZelfhulpToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Het uitgangspunt bij zelfhulp is dat mensen met gedeelde ervaringen elkaar kunnen helpen. De herkenning van elkaars problemen en ieders zoektocht naar oplossingen, leiden tot een sterker bewustzijn van de eigen situatie. Het is vaak ook een steun om zelf actie te ondernemen. In Vlaanderen zijn 1250 zelfhulpgroepen.

Zorg op afstandToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Ouderen kunnen hun zorgverlener vanop afstand raadplegen met behulp van een camera met beeld en geluid. Met ‘telemedicine’ kan de zorgverlener bijvoorbeeld gewicht, bloeddruk en hartslag meten vanop afstand. Of een zorgverlener kan met een camera in de woning kijken om in geval van nood snel te kunnen ingrijpen.

ZorgbemiddelaarToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

De zorgbemiddelaar zorgt voor de aanvang, opvolging en evaluatie van het zorgplan. Hij is steeds een van de betrokken zorg- of hulverleners, bijvoorbeeld de arts, verpleegkundige, maatschappelijk werker, vrijwilliger of mantelzorger. De zorgvrager kiest zelf wie de zorgbemiddelaar is, vaak op basis van een vertrouwensrelatie of nauwe betrokkenheid in de zorg. De bemiddelaar is steeds het aanspreekpunt bij de organisatie en de afstemming van de zorg die de oudere nodig heeft. Hij informeert de oudere en thuisverzorgers over voorzieningen, hulpmiddelen en tegemoetkomingen en verwijst door naar bevoegde diensten en disciplines. Hij respecteert en bewaakt de belangen van de patiënt en de thuisverzorgers.

ZorgboulevardToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

In elke woonzorgzone is een zorgknooppunt. Ouderen die op zoek zijn naar passende zorg, kunnen daar terecht met hun vragen. De locaties waar die zorg te krijgen is, moeten zich op wandelafstand van het zorgknooppunt bevinden. Die straat of buurt met zorgvoorzieningen, is de zorgboulevard.

ZorgflatToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Een zorgflat is een individuele woning (al dan niet de eigen woning) voor twee personen: de zorgbehoevende en de partner (mantelzorger). De professionele zorg (bv. palliatieve zorg) komt aan huis.

ZorgknooppuntToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Het zorgknooppunt is het kloppende hart van de woonzorgzone. Elke oudere die zelfstandig woont kan daar terecht voor huishoudelijke hulp, poetshulp, warme maaltijden, vrijetijdsactiviteiten, 24-uurzorg en crisisopvang, dagopvang, medische diensten, hygiënische diensten, persoonsverzorging, enzovoort. Om die diensten te leveren, werkt het zorgknooppunt samen met alle dienstverleners in de woonzorgzone. Daarnaast moet een oudere binnen loopafstand van het zorgknooppunt alle noodzakelijke voorzieningen vinden voor het dagelijkse leven: voedingswinkels, post en/of bank, huisdokter, apotheek, tea-room, kapsalon, enzovoort. Ouderen die er niet te voet naartoe kunnen, kunnen gebracht worden. Hoe een zorgknooppunt er precies uitziet, hangt af van de lokale context. Meestal is het ingebed in een lokaal dienstencentrum. Soms is het verbonden aan een woonzorgcentrum. Soms is het verspreid over verschillende diensten die zich in elkaars buurt bevinden. In dat geval is er sprake van een ‘zorgboulevard’, met alle diensten op wandelafstand van elkaar. Het zorgknooppunt zorgt voor de afstemming van het zorgaanbod en voor de praktische organisatie van de toewijzing. Het geeft informatie en sensibiliseert ouderen over de zorgdiensten, residentiële opvang, meegroeiwonen, aanleunwoningen, enzovoort. Het maakt de ouderen wegwijs om de meest geschikte hulp te vinden, wijst de juiste zorg toe en zorgt dat die beschikbaar is. Het organiseert de haal- en brengfuncties en het sociaal vervoer. Het organiseert het interdisciplinair overleg tussen alle betrokkenen. Het werkt altijd in nauw overleg met de zorgcoördinator en zorgplancoördinator (GDT) voor de opvolging en voortgang van opgemaakte zorgplannen.

ZorgplanToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Het zorgplan regelt de afspraken voor zwaar zorgbehoevenden die thuisverzorging nodig hebben. Het plan zorgt voor passende ondersteuning en coördinatie van de zorg en bevordert zo de zelfredzaamheid van de patiënt en de ondersteuning van de thuisverzorgers.

ZorgplancoördinatorToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt

Een zorgcoördinator is geen directe partner in de zorg. Hij staat in voor de praktische en administratieve ondersteuning en begeleiding van de zorgbemiddelaars, zonder zelf in hun plaats te treden. Hij ziet toe op de opmaak en voortgang van het zorgplan.

ZorgregisseurToon alle pagina's waar dit begrip in voorkomt