Ouder worden vandaag

De woonzorgzones zijn een beleidskader dat inspeelt op de noden en behoeften van de ‘moderne’ oudere. Ook de manier waarop personen met een handicap zorg verlangen, is geëvolueerd. Daarover bestaat een uitgebreide literatuurlijst. Hieronder geven wij een kort antwoord op de vraag: ‘wie is de oudere vandaag?

De oudere is actief en neemt zelf beslissingen

Ouderen hebben vaak een erg druk leven, zeker als ze op pensioen zijn. Zij vullen hun ‘vrije’ tijd zinvol in. Ze helpen hun kinderen, vangen de kleinkinderen op, doen de was en de strijk, helpen in de tuin, enzovoort. Velen zijn actief in het verenigingsleven als bestuurder of vrijwilliger, iets wat ze mits de nodige ondersteuning graag doen. Ook het grote aanbod aan culturele en sociale activiteiten en vormingen spreekt veel ouderen aan.
Ouderen zijn zelfbewust en geven graag zelf vorm aan hun leven. Als het nodig is zullen ze daarvoor zeker te rade gaan bij anderen, een goed advies waarderen ze. Maar de beslissingen willen ze zelf nemen, ook als het over zorg gaat.

De oudere is nog vrij mobiel

De meeste ouderen blijven tot op vrij hoge leeftijd mobiel. Met passende medische zorg en hulpmiddelen kunnen kleinere gebreken of ongemakken vlot omzeild worden. De zorg die ze nodig hebben, hoeft niet perse aan huis geleverd te worden. Zolang het kan, kunnen ze die evengoed op verplaatsing halen. Onder het motto ‘use it or lose it’ is dat ook een goede houding: het houdt hen mobiel en zelfredzaam.
Pas op latere leeftijd – meestal de drie laatste jaren van hun leven – wordt de mobiliteit van ouderen erg beperkt en neemt hun behoefte aan intensieve zorg toe.

De oudere is veeleisend en kiest voor de minst ingrijpende zorg

Ouderen weten wat ze willen en zijn daarin veeleisend. Wat ze nog zelf kunnen, geven ze liever niet uit handen. Bijna elke oudere wenst ook zo lang mogelijk in de eigen vertrouwde omgeving te blijven wonen. En als hij zorgen nodig heeft, doet hij eerst een beroep op mantelzorg, daarna ook op professionele zorg. Die zorg moet zo degelijk mogelijk zijn. Daarbij verkiezen ze meestal passende zorg op maat, eerder dan een residentiële all-in-formule. 

Om die zorgkwaliteit te kunnen bieden, moeten alle voorzieningen zo goed mogelijk op elkaar afgestemd worden: ambulante zorg, residentiële zorg en eerstelijnszorg.

De oudere is zelf partner in de zorg

Ouderen zorgen veel voor anderen: ze helpen hun buren - vaak ouderen onder elkaar – ze steunen hun kinderen praktisch en financieel, in lokale dienstencentra organiseren ze mee de activiteiten of gaan ze op ziekenbezoek, enzovoort. Veel relatief jonge senioren - eind 60, begin 70 - zorgen zelfs zowel voor hun kinderen en kleinkinderen, als voor hun hoogbejaarde en zwaar zorgbehoevende ouders. Veel ouderen weten wat het is om voor anderen te zorgen. Zij weten dus ook wat kwaliteit van zorg betekent. En zodra ze de leeftijd bereikt hebben dat ze zelf die zorg nodig hebben, vragen ze daar ook naar. 

Om de kwaliteit van die zorg optimaal te garanderen, moeten de schotten tussen mantelzorg en professionele zorg gesloopt worden.

De oudere gaat om met verlies en toenemende afhankelijkheid

Aftakeling en verlies horen bij het ouder worden. Zeker vrouwen worden daarmee geconfronteerd, ze moeten vaak afscheid nemen van hun partner. Nadat ze die soms jaren verzorgd hebben, blijven ze alleen achter. Die aftakeling van dichtbij meemaken, is ook een voorbereiding op wat henzelf te wachten staat. Wie ouder wordt krijgt steeds meer lichamelijke ongemakken, kan stilaan minder, wordt meer afhankelijk, verliest vaak dierbaren.
Toch zijn veel ouderen tevreden met hun leven en kunnen ze zich best beredderen. Ze doen vooral dingen die ze graag doen en die ze nog goed kunnen. En wat niet meer goed lukt, proberen ze te compenseren – bijvoorbeeld met een hoorapparaat, een rollator of andere hulpmiddelen. Veel ouderen behouden een grote graad van zelfstandigheid en een positief zelfbeeld tot hun levenseinde.

De oudere raakt steeds meer vertrouwd met digitale communicatie

Bij de huidige generatie ouderen ligt het gebruik van gsm, computer en zeker domotica nog moeilijk. Maar dat verandert. Nieuwe generaties groeien op met nieuwe technologieën, waardoor het gebruik ervan gemakkelijker ingang vindt. 

Digitale communicatie biedt veel mogelijkheden voor zorg op afstand. Die moet altijd aan volgende voorwaarden voldoen: de oudere moet zelf de regie kunnen voeren, zijn privacy moet gerespecteerd worden en het moet de kwaliteit van zijn leven ten goede komen. Passend gebruik van pc en tv kan een belangrijke bijdrage leveren aan zijn gevoel van veiligheid, zeker op momenten van crisis.

Allochtone ouderen hebben andere verwachtingen

Oudere allochtonen doen meestal een beroep op informele zorg, maar vaak volstaat dat niet. Zij kennen echter ons systeem van thuiszorg en residentiële zorg te weinig en ervaren heel wat drempels: ze vinden de voorzieningen te duur, ze kennen de taal niet, ze hebben eigen culturele en religieuze gewoonten. De zorgsector is ook weinig vertrouwd met die doelgroep. Zo wordt vaak verondersteld dat allochtone ouderen door hun eigen kinderen en familie verzorgd worden, ofwel naar hun land van herkomst terugkeren. Maar dat is een foute veronderstelling. Om aan de noden en verwachtingen van allochtone ouderen te voldoen, zal een cultuurgevoelig zorgaanbod moeten ontwikkeld worden.